shop
0

Klustips – Cockpit monteren

Klein maar fijn is helemaal van toepassing op het instrumentarium van Motogadget, en het zijn nog mooie spullen ook. Vooral als je een mooie custom in je schuur hebt staan. Voor veel motorrijders is de elektronica en het elektriek op een motor maar een vaag iets. Je ziet er niks van en toch werkt het allemaal. Het komt ook voor dat je er wel iets van ziet, maar dan is het vaak te laat (rook en vonken). Toch is voor zelfs de leken de montage van een mooie cockpit op je chopper of naked bike eenvoudig zelf te doen.

Vaak horen we de vraag of je deze apparatuur wel op oudere motoren kunt aansluiten. Dit kunnen we met een volmondig JA beantwoorden. Het zal allemaal duidelijk worden in de volgende tekst.

De voeding
De meeste producten van Motogadget werken bij een voltage van 7 tot maximaal 18 volt. Dus de gebruikelijke 12-volt boordspanning van de meeste motoren is altijd voldoende. Vaak kan je de tellers zo monteren en de stroomvoorziening loopt dan gewoon via het contactslot. Een enkele keer, zoals bijvoorbeeld bij de 'motoscope tiny' zal er een extra verbinding naar de plus van de accu gemaakt moeten worden. Het verdient trouwens aanbeveling alle werkzaamheden aan de kabelboom en elektronica te doen met een losgekoppelde accu. Ook is het raadzaam de bij het instrumentarium meegeleverde zekering te gebruiken.

De snelheidsmeter
Om de snelheid te meten wordt er aan een van de wielen of de uitgang van de versnellingsbak een sensor gemonteerd. Deze geeft dan vervolgens een puls door aan de teller op je dashboard.

De originele sensor
De meeste motoren zijn af fabriek al voorzien van een elektronische snelheidssensor. Hier kunnen we drie verschillende typen onderscheiden.

a) Een zogenaamde Hall-sensor aan een van de wielen of versnellingsbak
Deze zijn niet te gebruiken in combinatie met producten van Motogadget. De spanning hiervan afkomstig is vaak onder de 5 volt en dus niet genoeg. Je zal dan de meegeleverde sensor moeten monteren.
b) Een inductiesensor of een nabijheidssensor op de versnellingsbakuitgang De meeste fabrikanten gebruiken deze soorten sensoren. Deze heeft een gever met 3 aansluitingen (voor de 12V, aarde en signaal) en zijn compatible met Motogadgetproducten. Vaak moet dan wel de meegeleverde weerstand worden toegepast tussen de pluspool van de sensor en de signaalspanning om in een gelijkmatige stroomvoorziening te voorzien.
c) Een reedsensor met magneten aan het wiel
Deze kennen we uit de fietsenhandel waar men zulke sensors vaak gebruikt voor de snelheidsmeters. Het gevertje reageert op een of meerdere magneten die ergens op het wiel zitten.Vaak is deze voorzien van 2 aansluitingen. Om deze in combinatie met Motogadgettellers te gebruiken moet een van deze aansluitingen worden verbonden met de pluspool van de boordspanning, de andere met de ingang bij de snelheidsmeter.

Overige types sensoren
Op oudere motoren wordt de snelheidsmeter vaak nog aangedreven door een kabel. Mocht je zo een motor hebben of als er gewoon helemaal geen sensor aanwezig is, dan ben je aangewezen op de sensor die wordt meegeleverd met de Motogadget-teller. Dit is een reedsensor met magneet zoals hiervoor beschreven. Deze sensor kan je bevestigen aan de voorvork en de magneet aan het voorwiel. Je kan het ook allemaal bevestigen aan de achtervork of remklauwbevestiging en vervolgens de magneet aan het achterwiel of aan het achtertandwiel. De meest gunstige positie hangt natuurlijk helemaal af van het type motor. Eventueel zal je zelf een houder moeten fabriceren om de sensor aan te bevestigen, als deze maar op een stabiele en veilige plek zit. De magneten kan je bevestigen op de naaf of ergens in het hart van de remschijf indien aanwezig. Ook is het nog een optie deze aan je achtertandwiel te bevestigen. Gebruik hiervoor tweecomponentenlijm om hem op z'n plek te houden. Hoe dichter je hem bij de naaf monteert hoe minder de middelpuntvliedende krachten vat zullen krijgen op je magneet en sensor. Uiteraard horen ze wel precies op een lijn met elkaar gemonteerd te worden. De onderlinge afstand mag trouwens niet meer dan 4 mm bedragen.

De toerenteller
Het toerental wordt gemeten aan de hand van de ontstekingspulsen. Ook deze moet compatibel met de tellers zijn. We kunnen twee soorten ontstekingssignalen onderscheiden: a) ontstekingen met een negatieve ingangspuls
Hieronder vallen ontstekingen met contactpuntjes (zoals op veel oldtimers en klassiekers) en analoge elektronische ontstekingen. De laatste noemen we ook wel transistor-ontsteking/accu-ontsteking. Ook motoren voorzien van een ECU voor de ontsteking en de injectie hebben zo'n transistorontsteking. Motogadget-tellers kunnen hier direct op worden aangesloten (1e klem, min-pool). Heeft je motor af fabriek al een elektronische toerenteller of zit er op je ontsteking een uitgang voor de besturing hiervan, dan kan je deze vaak ook hierop aansluiten. Uitzonderingen hierop zijn motoren waar de ontsteking is geïntegreerd in de bougiekappen en de aansturing geschiedt door middel van een CAN-bus-systeem. Hier zijn problemen te verwachten met de afgifte van het ontstekingssignaal.
b) Ontstekingen met een positieve ingangspuls
Deze ontsteking is ook bekend als condensator-ontsteking. Ook noemen we dit type ontsteking wel een CDI (Capacitor Discharge Ignition) of hoogspanningsontsteking. Dit type ontsteking die in zijn eigen stroom voorziet werkt (vaak) ook zonder accu en vind je vaak op enduro's, eencilinders of motoren met een kleine cilinderinhoud. Zit er op jouw motor zo'n type ontsteking dan heb je een aparte gever nodig. Zie foto 3 – ontstekingssignaalgever. Let op: Japanse motorfabrikanten noemen de elektronische ontstekingen zoals beschreven onder a) ook vaak een CDI wat snel tot misverstanden kan leiden!

Verschillende soorten ontstekingen
Over het algemeen vind je op de meeste viercilinder straatmotoren een transistorontsteking, en op enduro's en eencilinders, ook al hebben die meer cilinderinhoud, en kleinere motoren een condensatorontsteking. Deze laten zich onderscheiden door de bevestiging van de diverse polen. Bij een transistorontsteking zit de bobine aan de plus van de boordspanning en de min is met de ontstekingsunit verbonden. Een condensatorontsteking is direct aan de min (aarde) verbonden en de pluspool direct aan de ontstekingsunit. Zie foto 4 – transistorontsteking links en condensatorontsteking rechts.

Wat staat er op het menu?
Motogadgetproducten zijn universeel en dus zal je even een en ander moeten aanpassen aan jouw motor. Zo kan je in het menu op het display verschillende meetwaarden laten zien en instellen of resetten met de meegeleverde schakelaar. Wil je meerdere knoppen dan kan je ook een schakelaar die al op je motor zit gebruiken (bijv. voor de claxon of grootlicht), zolang deze maar aan aarde is verbonden.

 

stap 1

Basiskennis

Originele sensor

Basiskennis

Het is handig je vooraf te verdiepen in de basisprincipes van de elektronica. Als je een blik werpt op het elektrische schema van je motor moet je wel weten waar de plussen en minnen zitten, en moet je ook kunnen achterhalen waar bijvoorbeeld je accu, dynamo, ontsteking, contactslot, enzovoorts allemaal te vinden zijn.

stap 2

GEREEDSCHAP EN BENODIGDHEDEN BIJ WERK AAN DE DRAADBOOM.

Reed-sensor

GEREEDSCHAP EN BENODIGDHEDEN BIJ WERK AAN DE DRAADBOOM.

Om te kunnen bepalen wat er allemaal gaande is in je draadboom is een multimeter onmisbaar. Met deze kan je spanning, voltage en weerstanden meten. Als je geen schema hebt kan je hiermee ook ontdekken waar alle verbindingen heen gaan en zo storingen achterhalen of gewoonweg vaststellen hoe de bekabeling loopt. Zo ontdek je al gauw of bepaalde verbindingen niet in orde zijn of dat er bijvoorbeeld een aardlek is. Vaak kan je een nieuwe cockpit ook aansluiten zonder tussenkomst van een multimeter. Voor het op maat maken van de bedrading heb je een kniptang nodig en voor het verwijderen van de isolatie een draadstriptang. Afhankelijk van de verbinding heb je ook een soldeerbout of een krimptang nodig met passende stekkers. Vaak zijn krimptangen multifunctioneel: knippen, strippen en verbinden, alles in één gereedschap. Bij Motogadget-accessoires worden altijd stekkers meegeleverd. Krimpkousen, Duct tape en kabelbinders moet je even apart bijbestellen. Ook is het handig extra draad in de buurt te hebben (met de juiste kleur en doorsnede) voor het geval je wat moet verlengen. Extra stekkers kunnen ook geen kwaad.

stap 3

GEREEDSCHAP EN MATERIALEN VOOR MONTAGE VAN DE COCKPIT EN TOEBEHOREN

Pickup

GEREEDSCHAP EN MATERIALEN VOOR MONTAGE VAN DE COCKPIT EN TOEBEHOREN

Afhankelijk van de motor kan je gebruikmaken van de bijgeleverde beugels of wellicht zelf wat aan beugels maken. Als je zelf aan het zagen en vijlen gaat is het handig eerst in karton een sjabloon te maken op je motor en dan pas in de weer te gaan met het aluminium of staal. Voor het zelf maken heb je een ijzerzaag nodig, vijlen en schuurpapier. Ook heb je een boor nodig, een kolomboor is erg praktisch bij het zelf maken van dit soort beugeltjes en bevestigingen, maar niet noodzakelijk. Goed alles opmeten met een schuifmaat of winkelhaak en duidelijk aangeven met een marker wat waar moet komen is uiteraard het handigst. Voor de montage is vervolgens een setje inbussleutels en ring-steeksleutels onontbeerlijk, met de daarbijbehorende bouten, moeren en ringen. Bij de universele houder van Motogadget worden bevestigingsmaterialen meegeleverd. Voor de montage van de snelheidssensor aan de wielen heb je een stuk aluminium of RVS nodig.

stap 4

AANSLUITEN

Bobines

AANSLUITEN

Aansluiten van het instrumentarium

stap 5

INGEBRUIKNAME

Voorbeeld van een schema

INGEBRUIKNAME

Als alle sensoren, gevers en de tellers zelf goed bevestigd en aangesloten zijn dan kan je de accu weer vastmaken en kan je je nieuwe instrumentarium gaan gebruiken. Nu kan je alle specificaties die bij jouw motor horen instellen en de snelheidsmeter kalibreren. Detailinformatie vind je in de meegeleverde gebruiksaanwijzing bij elk instrumentarium.

Benodigde artikelen

Tot slot

Let op: De klustips bestaan uit algemene handelingen die per voertuig of individuele onderdelen zeer kunnen verschillen. Ook kunnen omstandigheden per locatie nogal verschillen. We kunnen dus geen enkele verantwoordelijkheid voor de juistheid van de informatie in de klustips nemen. Dank voor je begrip.
Laagste prijs garantie
Snelle verzending
Gratis verzendkosten
Gratis betaalkosten
Gratis 1 jaar retourneren
Achteraf betalen